Zwem jij door?

Ik bevind mij in een redelijk groot gezelschap. We staan bij een rivier. Een aantal, waaronder ik, willen naar de overkant zwemmen. Terwijl wij bezig zijn, lekker in het water, duiken er twee krokodillen op. Grote, vette krokodillen. Angstig zwemmen wij door.

Dan duikt er ook nog eens een roeiboot op. In die boot zit een duistere man. Zit er ook een hond in de boot? Lijkt er wel op, maar de man is in elk geval niet alleen. Hij lijkt anderen te vervoeren. Let echter helemaal niet op de zwemmers in het water. Volledig bezig met zijn eigen ding. Ongeïnteresseerd in ons.

Wij zwemmers moeten ondertussen wel enorm ons best doen om niet onder de boot te komen. Tegelijkertijd zijn wij angstig, we willen naar de overkant, de krokodillen kunnen elk moment toehappen.

Zie ik het goed? Haken sommige zwemmers af? Ja. Maar ik ga door.

Ongeschonden kom ik, en met mij gelukkig nog een paar anderen, aan de overkant. Zeer opgelucht kijken wij terug, naar de rivier. De boot is verdwenen. De krokodillen zijn er nog wel. Er komt er nu een naar ons toe gezwommen, bek geopend, klaar om te happen.

Wij deinzen achteruit, de angst houdt ons in de greep. Toch doet de krokodil verder niets. Komt in elk geval niet het land op. Op het land, aan de overkant, is het veilig. Het is gelukt! Wij zijn er. Ik ben er. Ik heb het gedaan! Ik ervaar superveel geluk en blijheid.

Alleen, wij moeten terug. Want daar liggen onze kleren en bevindt zich ook de rest van ons gezelschap. Ik voel angstige opwinding. Hoe ga ik dit nu weer doen?

Wapens, dat hebben we nodig. Iets om van ons af te slaan. Ik vind een witte wc-borstel. En daarmee spring ik het water in. Ik voel enige angst, het wapen echter geeft genoeg houvast om er toch weer voor te gaan.

In het water ontdekken wij dat de krokodillen weg zijn. Gewoon weg, verdwenen. Verbaasd en tegelijkertijd opgelucht zwem ik naar de overkant. De terugweg is vele malen makkelijker. Met een paar slagen sta ik alweer op het land.

Dit gebeurde echt allemaal. In een droom. Gelukkig maar. Dat het een droom was. Toch was de betekenis behoorlijk echt:

De heenweg leek onoverbrugbaar groot. Een flinke uitdaging. Toch ging ik de uitdaging aan. Dat ik niet alleen was, hielp mij, maar de stap het water in was mijn eigen wil. Mijn eigen keuze.

In het water bleek de tocht gevaarlijker dan gedacht. Bleek? Nee, leek. De krokodillen en de boot leken onoverkomelijke obstakels. Maar als ik gewoon stug doorzwom, focus op het doel, op het land, dan was er eigenlijk niets aan de hand.

Dezelfde tocht nogmaals ondernemen leidt toch nog tot enige twijfel. De dreiging, van de krokodillen, blijft. Grappig genoeg is op het nieuwe land een hulpmiddel snel gevonden. De vorm kan gek lijken -een wc-borstel, tja-, maar hoe het ook zij, het geeft wel genoeg stevigheid en zekerheid om opnieuw het water in te springen.

Terug gaat vele malen makkelijker en sneller dan heen. Alle gevaren en uitdagingen zijn als sneeuw voor de zon verdwenen. Appeltje, eitje.

Ben ik dan nu terug bij het punt van aanvang? Ja en nee.

Ja, ik ben weer terug op het land vanwaar ik vertrok, waar ik mijn kleding achter had gelaten. Mijn basis.

Nee, want ik ben een stuk sterker. Nog wel enigszins verbaasd over mijn eigen kracht, maar ik voel ook weer een stuk gewonnen zelfvertrouwen.

Ik realiseer mij weer dat hindernissen vaak alleen in gedachten bestaan. Hoe langer je ergens over nadenkt, hoe enger je de te nemen stap vindt. Maar dat, als je het eenmaal doet, het toch gewoon goed gaat en het uiteindelijk ook heel eenvoudig blijkt te zijn.

zwem jij door

En heb je toch enige hulp nodig, dan is er altijd wel iemand in de buurt om je te helpen, met of zonder wc-borstel ;).

Met een warme groet,
Nicole

Laat wat van je horen

*